Westerse elites kunnen niet beslissen of ze Afrika moeten sanctioneren of verleiden in hun pogingen om Rusland en China tegen te gaan

Geschreven door Rachel Marsden, zij is columniste, politiek strateeg, en presentatrice van onafhankelijk geproduceerde talkshows in het Frans en Engels. Haar website is te vinden op rachelmarsden.com

In een strijd om invloed grijpen de VS en hun bondgenoten tegelijkertijd naar de wortel en de stok


De Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergei Lavrov, rechts, en zijn Malinese ambtgenoot Abdoulaye Diop poseren tijdens een gezamenlijke persconferentie na hun ontmoeting in Moskou, Rusland, vrijdag 20 mei, 2022. © Yuri Kadobnov/Poolfoto via AP

In hun pogingen om de partnerschappen van Rusland en China in Afrika doeltreffend tegen te gaan, zijn Washington – en zijn westerse volgelingen – niet tevreden met alleen maar honing of azijn – en dus grijpen functionarissen naar beide tegelijk.

Doorgaans bestaat de westerse modus operandi erin, een voetafdruk in het buitenlandse doelland te vestigen, door middel van een militaire interventie onder een veiligheidsvoorwendsel, in de hoop uiteindelijk op een economische pivot te kunnen overschakelen. Uit de recente geschiedenis blijkt, dat de elites niet helemaal in staat zijn geweest deze overgang te maken, voordat hun plannen de mist in gingen. Omdat ze er niet in slagen de hoofdprijs in handen te krijgen – meestal de natuurlijke rijkdommen van het land – worden ze er uiteindelijk ofwel uitgeschopt (zoals Frankrijk in Mali), ofwel nemen ze hun verlies (zoals de VS deden in Afghanistan).

Rusland en China zijn erin geslaagd, de leemte die is ontstaan door de misplaatste buitenlandse militaire avonturen van het Westen, doeltreffend te benutten. In het geval van Mali heeft Rusland de overgangsregering militaire helikopters, radars en wapens aangeboden, naast “soldaten en opleiders” die naar verluidt in het Afrikaanse land actief zijn (volgens berichten zijn deze afkomstig van het particuliere beveiligingsbedrijf Wagner, maar ambtenaren hebben zich van de groep gedistantieerd). Moskou is nu bezig die steun om te zetten in uitgebreide samenwerking.

“We hebben bijzondere aandacht besteed aan de praktische aspecten van het organiseren van leveringen uit Rusland van tarwe, minerale meststoffen en aardolieproducten die de bevolking van Mali vandaag zo hard nodig heeft in omstandigheden van onwettige westerse sancties,” zei de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov tijdens een persconferentie in mei met zijn Malinese ambtgenoot Abdoulaye Diop. Frankrijk en de VS hebben het land sancties opgelegd in de nasleep van uitgestelde verkiezingen na twee staatsgrepen, allemaal onder toezicht van de Parijse operatie Barkhane en de opleidingsmissie van de EU met hoofdkwartier in de hoofdstad Bamako.

En nu komt Washington met een nieuw instrument om Afrikaanse landen te bedreigen, die zich tegen zijn belangen verzetten. De “Countering Malign Russian Activities in Africa Act” zou zich richten tegen Afrikaanse regeringen, ambtenaren en bedrijven die zaken doen met Rusland, gekwalificeerd als “manipulatie” en “uitbuiting” van Afrikanen ten voordele van Rusland. Het plan is in dezelfde geest als de “Countering Russian Influence in Europe and Eurasia Act of 2017” en de “Countering America’s Adversaries Through Sanctions Act”, die gericht zijn tegen Iran, Rusland en Noord-Korea… maar die ook India dreigt te bedreigen voor de aankoop van een S-400 Russisch raketafweersysteem.

Dezelfde wet werd als hefboom gebruikt om de aanleg van de Nord Stream 2-pijplijn voor het vervoer van Russisch gas naar West-Europa stop te zetten onder dreiging van Amerikaanse sancties – waardoor in feite een potentiële nieuwe markt voor de uitvoer van vloeibaar gas uit de VS werd geopend.

Tegelijkertijd heeft het westerse G7-blok een plan van 600 miljard dollar voorgesteld, om buitenlandse infrastructuur aan te leggen in Afrika en Latijns-Amerika, waarbij Washington 200 miljard dollar heeft toegezegd en de EU nog eens 300 miljard en particuliere bedrijven naar verwachting aan boord zullen stappen om te investeren. Wat gaan ze doen – een aantal van deze landen sanctioneren en dan eisen dat ze Westers geld aannemen? Hoe onhandig.

Het idee is om China’s Belt and Road-project tegen te gaan, zij het met tien jaar vertraging en honderden miljarden dollars te weinig. De boodschap is duidelijk. Deze landen kunnen ofwel met Rusland, China en andere Amerikaanse tegenstanders in zee gaan en bedolven worden onder sancties, ofwel deze prachtige kans grijpen om Washington en zijn westerse bondgenoten het land binnen te laten om mooie dingen te bouwen.

Een oude kritiek van de VS op China is, dat het zijn “Belt and Road”-project gebruikt om landen “in de schulden te laten vallen” en zijn invloed op te leggen. Maar het is niet zo, dat de intenties van Washington ten aanzien van onderontwikkelde landen, louter altruïstisch zijn.

Kijk bijvoorbeeld maar eens hoe het door de VS gefinancierde Marshallplan voor het Europa van na de Tweede Wereldoorlog heeft bijgedragen tot de oprichting van CIA-dekmantelbedrijven op het hele continent. Of wanneer Washington in onderontwikkelde doellanden “maatschappelijke” projecten financiert die uiteindelijk worden ontmaskerd als operaties om de regering te ondermijnen – een voorbeeld daarvan is een Twitter-achtig socialemediaproject in Cuba, gefinancierd door USAID en in 2014 aan het licht gebracht door de Associated Press.

Tijdens de G7-top in Duitsland zei VS-president Joe Biden, dat de investeringsprojecten onder meer een fabriek voor de productie van vaccins op industriële schaal in Senegal, een wereldwijde onderzeese telecommunicatiekabel door de Hoorn van Afrika, nieuwe zonne-energieprojecten in Angola en een kernreactorinstallatie in Roemenië omvatten. Maar in het beste geval haalt het de 59 miljard dollar in die China alleen al vorig jaar aan het 144 landen omvattende project heeft besteed.

Alleen de tijd zal leren, hoeveel van de aankondiging window dressing en marketing is – een terechte zorg, gezien het feit dat dit het tweede jaar op rij is, dat het voorstel op de G7-top is ingediend, alleen om een jaar later een nieuwe naam te krijgen en gerecycled te worden, terwijl er in de tussentijd weinig anders is gebeurd.

“Deze strategische investeringen, zijn gebieden die van cruciaal belang zijn, voor duurzame ontwikkeling en voor onze gedeelde mondiale stabiliteit: gezondheid en gezondheidsbeveiliging, digitale connectiviteit, gendergelijkheid en gelijkheid, klimaat- en energiezekerheid,” zei Biden, waarbij hij alle warme en fuzzy modewoorden opriep, die van hem worden verwacht.
Maar de echte maatstaf voor het initiatief zal zijn of het de strategie van Washington kan vervangen, die erin bestaat vreemde landen in brand te steken met als hoofddoel achteraf te kunnen ingrijpen en aanbieden te helpen opruimen.

BRON

 

Plaats een reactie