Hoe Rusland 210 jaar geleden Moskou aan Napoleon gaf, maar de oorlog won

In het westen denkt men in het algemeen, dat “Generaal Winter” de Franse leider versloeg, maar wat er werkelijk gebeurde, is veel complexer.


“Napoleon in brandend Moskou” door Adam Albrecht

Tweehonderd en tien jaar geleden, op 15 september 1812, trok het Franse leger onder leiding van keizer Napoleon het Kremlin in Moskou binnen. In de ogen van de wereld was het afgelopen – de grootste stad van Rusland lag plat aan de voeten van ’s werelds grootste militaire oppermacht.

Maar binnen drie maanden was wat overbleef van Napoleons leger op de vlucht – de korpsen en regimenten waren slechts schimmen van hun vroegere zelf. De enorme troepenmacht die in de zomer Rusland binnenviel, was aan het eind van het jaar zo goed als vernietigd; over de exacte verliezen wordt nog steeds gediscussieerd, maar het aantal dode of gevangen genomen soldaten wordt geschat op 400.000 tot 500.000.

Waarom verloor Napoleon?

Het klassieke westerse verhaal is, dat Napoleon zich moest terugtrekken vanwege de Russische winter, waarbij zijn troepen werden verslagen door het barre klimaat. De standaard Russische visie is dat Napoleon werd geconfronteerd met een andere natuurlijke kracht – patriottisme, dat het gewone volk ertoe aanzette de wapens op te nemen tegen de Franse invallers, als aanvulling op de inspanningen van het reguliere leger. Leo Tolstoj’s verslag van de oorlog heeft bijgedragen aan dit beeld, en het is moeilijk om te concurreren met de kracht van zijn literaire genie.

Er was echter weinig willekeurig of ‘natuurlijk’ aan de nederlaag van Napoleon. Ten eerste is het moeilijk voor te stellen dat zo’n doorgewinterde generaal vergeten was rekening te houden met het klimaat van het land dat hij wilde veroveren. In feite had Napoleon al wintercampagnes gevoerd. De Slag bij Austerlitz in 1805 werd door de Russen verloren onder koudere temperaturen dan de Slag bij Berezina – waar de Russen zegevierden. Ondertussen vond de Slag bij Eylau, die voor beide partijen onbeslist eindigde, plaats tijdens zware sneeuwstormen.


De commandopost van Napoleon’ door Alexander Averyanov

Met andere woorden, Napoleon was geen Afrikaanse hoofdman die zich kon verontschuldigen omdat hij nog nooit in zijn leven sneeuw had gezien.

Het verhaal van het volksverzet is ook verre van accuraat. Het was niet de eerste keer dat Napoleon moest vechten tegen een volksmilitie – in Spanje speelden dergelijke troepen een ondersteunende rol bij het reguliere korps van Wellington, en het Franse leger werd niet zo totaal en snel vernietigd. De Russen werden zelf geconfronteerd met een guerrilla in Finland tijdens de Zweedse campagne van 1808-09, toen de winter extreem streng was. Maar dat hield het Russische offensief niet tegen. Met andere woorden, noch sneeuw noch massaal verzet kon de uitkomst garanderen, en zeker niet de nederlaag van een massaal leger onder leiding van een briljante generaal.

Ongewone oorlog

De oorlog van 1812 was ongewoon. Aanvankelijk rukte het Franse leger op en de Russische verdedigers trokken zich terug. Geen van de gevechten kon het verloop van het conflict veranderen. Napoleon begon zich vervolgens terug te trekken, maar ook de daaropvolgende confrontaties hadden geen noemenswaardige invloed op de algehele situatie. Napoleon bleef na elke slag achteruit gaan, en de Russen bleven zijn leger volgen. Maar de Russen reageerden niet simpelweg op een campagne die een eigen interne logica leek te hebben – ze hadden een gedetailleerd plan.

Het plan had zijn wortels in de mislukte campagnes van 1805 en 1806-07. Na een reeks vernederende nederlagen ondertekenden tsaar Alexander I en Napoleon de Verdragen van Tilsit. Dit vredesakkoord loste het conflict tussen de twee landen echter niet op, en iedereen besefte dat het niet meer was dan een kort intermezzo.

Napoleon was goed in het bereiken van tactische doelen en dit vormde een probleem. Bovendien had Rusland tot dan toe altijd deel uitgemaakt van een coalitie, waaronder Oostenrijk en Pruisen – maar nu stonden ze onder Napoleons bewind en konden ze niet helpen. Dit betekende dat de vijand veel meer troepen zou hebben, geleid door de grote militaire bevelhebber. Niemand zou onder deze omstandigheden op het Russische leger hebben gewed. Daarom moest het met asymmetrische maatregelen komen. Om een sportanalogie te gebruiken: de Russen moesten Mike Tyson meeslepen in een schiettoernooi.

De architect van de overwinning

In april 1812 werd dit idee uitgewerkt tot een actieplan. Vreemd genoeg werd het opgesteld door iemand die in het huidige Rusland niet zo bekend is. Hij was luitenant-kolonel Pjotr Tsjoejevitsj en hij diende in het Speciale Bureau van het Ministerie van Oorlog, een geheime afdeling, waarvan niet veel mensen op de hoogte waren.

Het Speciale Bureau was een van de lievelingsprojecten van minister van Oorlog Michael Barclay de Tolly, een Russische prins en soldaat van Baltische Duitse en Schotse afkomst. Barclay de Tolly was een briljante en succesvolle bevelhebber, hoewel zijn talenten lagen op gebieden die gewoonlijk geen militaire roem opleveren – hij was goed in het organiseren van bevoorradingsketens, logistiek en het verzamelen van inlichtingen. Met andere woorden, hij was goed in de dingen die zelden worden opgemerkt totdat ze de grootste zwakheden van het leger worden. Chuykevich was een van zijn benoemingen in het Speciale Bureau, dat in feite Ruslands eerste officiële inlichtingenbureau was.


(L) Pjotr Andreevitsj Tsjoeikevitsj; (R) Michail Barclay de Tolly © Wikipedia

Chuykevich produceerde een analytische nota getiteld ‘Patriottische gedachten’, die werd overhandigd aan Barclay de Tolly. Na de samenstelling van het Franse leger en de voorkeursstrategie van Napoleon zorgvuldig te hebben bestudeerd, redeneerde de luitenant-kolonel, dat de beste manier om vooruit te komen was, om het Franse leger zijn enorme machtsvoordeel niet te laten gebruiken. Hij stelde voor een algemene veldslag te vermijden, om de Russische troepen te sparen en zich terug te trekken en guerrillaoorlog te voeren, vooral in de achterhoede van de vijand, om hun aanvoerlijnen te raken en Napoleons leger uit te putten en te verzwakken, om uiteindelijk het voordeel te behalen.

Het was een goed plan. Er waren slechts twee mogelijkheden voor het formidabele Franse leger om zich te bevoorraden: Door ze te laten leveren vanuit West-Europa, of ze te plunderen en te foerageren. Leveringen uit het Westen zouden uiteraard niet betrouwbaar zijn vanwege de enorme en steeds grotere afstanden die de konvooien moesten afleggen en de erbarmelijke staat van de Russische wegen. En als het Franse leger gokte op het lokaal verzamelen van voorraden, ontstond een ander probleem. Aangezien de bevolkingsdichtheid in Rusland veel lager was (en is) dan in andere delen van Europa, moesten Napoleons foerageermissies ver reizen om voldoende proviand te bemachtigen. En dan stuitten ze op een tweede probleem.

Partizanenoorlog

De Russen waren creatief in het organiseren van partizanenoperaties. In feite bestreek deze benaming twee verschillende fenomenen. Enerzijds waren er reguliere detachementen actief in de achterhoede van de operationele lijn van het Franse leger. Zij werden geleid door officieren en bestonden uit kozakken, dragonders, huzaren en soms lichte infanterie. Vaak hadden ze hun eigen lichte artillerie. Deze eenheden voerden verkenningen uit, vernietigden foerageerders en onderschepten koeriers.

De Fransen hadden ook te maken met ongeregelde eenheden, bestaande uit boeren, die probeerden te voorkomen dat plunderaars en foeragers hun dorpen binnenkwamen. Veel van deze eenheden werden geleid door de plaatselijke landheer, vaak een gepensioneerd militair, die goed op de hoogte was van de basisprincipes van de militaire organisatie. Zij probeerden boeren te rekruteren, die enige ervaring hadden met wapens en het leven in de buitenlucht – jagers, kloppers, boswachters, enzovoort. Deze eenheden communiceerden met elkaar door middel van kerkklokken.

Uiteraard konden de gewapende boeren weinig uitrichten tegen het Franse leger, maar dat werd ook nooit van hen verwacht – het enige wat ze hoefden te doen was de reguliere partizanen te waarschuwen. Als de partizanen er niet in slaagden de vijand af te schrikken, schoot het reguliere leger te hulp. Deze regeling was niet ideaal, maar werkte vaak wel.


“Met wapen – schot!” door Vasili Vereshchagin

Binnen dit paradigma hadden de belangrijkste legertroepen een eigenaardige rol. Ze moesten in het zicht van Napoleon blijven, de vrijheid van zijn leger beperken en voorkomen dat het zich over een grote afstand verspreidde, of zich vrij door het land bewoog. Het Russische leger gebruikte deze aanpak omdat de Fransen, zich bewust van zijn aanwezigheid, zich niet konden ontspannen of verspreiden.

De Franse troepen waren nog niet eens klaar met hun offensief toen ze begonnen te verhongeren. Ze konden niet aan voldoende voedsel komen, en konden niet genoeg troepen sturen om de communicatie te beschermen, omdat Napoleon een troepenmacht nodig had die de confrontatie met het belangrijkste Russische leger kon aangaan. Bovendien trokken de Russen zich steeds verder terug. De Fransen waren al honderden kilometers van hun bases verwijderd en moesten veel mensen in de achterhoede achterlaten om de orde te handhaven, terwijl de voorraden uit het Westen waren opgedroogd.

Waarom gaven de Russen Moskou over?

De slag bij het dorp Borodino, die Mikhail Koetoezov – de opperbevelhebber van de Russische strijdkrachten – bereid was te leveren, stond haaks op deze logica. Koetoezov was echter zowel politicus als militair leider. Hij besefte dat het opgeven van Moskou zonder een grote veldslag iets zou zijn, wat de Russische samenleving niet zou vergeven. Toch was hij zich terdege bewust van het feit, dat de redenen voor de strijd meer politiek dan militair waren, dus, nadat de eerste dag van de strijd niet resulteerde in een beslissende overwinning voor beide partijen, trok hij zich terug en gaf hij Moskou over om de Russische troepen te redden, in plaats van door te drukken (wat alleen maar zou hebben geleid tot de totale nederlaag van het moegestreden Russische leger).

Door Moskou binnen te trekken, greep Napoleon de kaas van de muizenval. De grootste stad van Rusland hield hem enkele weken vast. Al die tijd probeerde de Franse keizer te onderhandelen over vrede, maar hij faalde. Die weken brachten de Grande Armée aan de rand van de afgrond.


Napoleon bij Borodino’ door Vasily Vereshchagin.

Na enige tijd trokken de Fransen zich terug. Toen ze aan de lange tocht terug naar huis begonnen, was het mooi weer en de verschrikkingen van de ‘vreselijke Russische winter’ – die in werkelijkheid heel gewoon bleek te zijn – moesten nog komen, maar het leger begon al honger te lijden. Toen de temperaturen daalden tot onder het vriespunt, begonnen paarden te sterven, en sommigen werden geslacht voor voedsel. Geen paarden betekende geen cavalerie, waardoor de Fransen kwetsbaar werden voor de Russische mobiele cavalerie-eenheden die Napoleons leger bestookten.

De volgende stappen van veldmaarschalk Koetoezov waren voorspelbaar. Hij bleef verse troepen sturen tegen de Franse achterhoede, in een poging grote gevechten te vermijden en de Fransen in beweging te houden. De Russische troepen waren ook niet immuun voor de kou, en net als de Fransen waren er achterblijvers en zieken. Maar terwijl de Russische soldaten in nabijgelegen dorpen konden blijven tot ze hersteld waren, moesten de Fransen ofwel achterblijven en gevangen genomen worden, ofwel doorgaan tot ze complicaties kregen. Eenmaal verzwakt werden ze kwetsbaar voor infecties.

Beproeving door honger en winter

Een van de belangrijkste dingen die Koetoezov zijn officieren opdroeg, klinkt misschien niet heroïsch, maar was wel praktisch. De Russen hadden het bewust gemunt op de Franse voedselvoorraden. Zo was de nederlaag van de brigade van generaal Jean-Pierre Augereau bij het dorp Lyakhovo door partizanen in wezen een mooie bonus in de jacht op voorraaddepots. Het Franse leger vroor niet dood, maar was wel uitgehongerd, terwijl de gevechten meer op executies leken, omdat de Russen artillerie gebruikten, om Franse eenheden die langs hen marcheerden uiteen te drijven, zonder dat er een algemeen gevecht nodig was.

De Fransen konden toch niet veel weerstand bieden, omdat de meeste van hun paarden waren opgegeten en hun geweren waren achtergelaten. De gewonde soldaten stonden voor hetzelfde dilemma als de zieken – meegesleept worden, met het risico op complicaties en infecties, of overgeleverd worden aan de Russen – wat eigenlijk geen slecht idee was. Lijdend onder de kou en de ontberingen van de herfst- en latere winterachtervolging waren de Russische troepen niet geneigd, de gevangen Fransen nog meer pijn te doen. Nadat het grootste deel van het korps van maarschalk Michel Ney bij Krasny was vernietigd, liepen de overlevenden gewoon naar de Russische stellingen om te vragen waar ze zich konden overgeven. Hun wapens werden hen afgenomen en ze werden naar de kampvuren gestuurd, waar Russische soldaten, die net zo koud en ellendig waren, hun gevangenen wodka gaven om zich van binnen wat warmer te voelen. Dit lijkt misschien surrealistisch, maar niet voor hen, die dagenlang op mars waren in temperaturen onder nul.

Een van de belangrijkste elementen van deze ‘verstikkende’ strategie was een operatie van het kleine Leger van de Donau, onder leiding van Pavel Tsjichagov achter de linies van Napoleon. Tegenwoordig wordt Tsjitsjagov vooral herinnerd als de man die er niet in slaagde de val te sluiten en wat overbleef van het Franse leger liet ontsnappen tijdens de slag bij de rivier de Berezina. Het belangrijkste deel van Tsjitsjagovs operatie was echter wat er gebeurde vóór en niet tijdens de Slag bij Berezina. Voordat hij Napoleon bij de Berezina probeerde te strikken, veroverde Tsjitsjagov Minsk, het belangrijkste bevoorradingsdepot van de Fransen, met twee miljoen dagelijkse rantsoenen. Hij hoefde niet eens bij de Berezina te zijn, want hij had de overlevingskansen van het Franse leger verpletterd. Door een persoonlijk conflict met Koetoezov en zijn uiteindelijke mislukking om Napoleon in de val te lokken, werd Tsjitsjagov niet geprezen als oorlogsheld; zijn belangrijkste succes was echter de strijd tegen de bevoorradingslijnen.


“Napoleons terugtocht uit Moskou” door Adolph Northen

En dat was het moment waarop de bittere kou echt zijn intrede deed en mensen doodde, die westwaarts sjokten over besneeuwde vlaktes en bossen. Maar het weer was slechts de laatste nagel aan de doodskist van de Grand Armée, het einde van een leger dat al verpletterd was.

***

Voor Rusland betekende 1812 niet alleen een grote militaire overwinning, maar ook de overwinning van intelligentie en zelfbeheersing op brute kracht. De Russen hadden een plan en hielden zich daaraan, terwijl tsaar Alexander I vastberaden genoeg was om op koers te blijven, zelfs nadat Napoleon Moskou had veroverd. De moed van de soldaten, het klimaat en andere voor de hand liggende factoren speelden een rol, maar de oorlog van 1812 is bovenal een triomf van strategie en consistentie in het nastreven van doelen.

Door Evgeny Norin, een Russische historicus die zich richt op conflicten en internationale politiek.

Bron: RT

Plaats een reactie